marietteouwehand.reismee.nl

Machu Picchu

We vertrekken weer vroeg omdat we de zonsopgang niet willen missen en ons kaartje voor de Huayna Picchu oftewel Wayna Pikchu (Quechua voor'jongere bergtop'), alleen geldig is om tussen zeven en acht naar boven te gaan. De berg ligt aan de noordzijde van de Machu Picchu waarhet hoogste punt van de stad op 2700 meter ligt. Er mogen maximaal 400 mensen deze berg op in twee shifts. Op deze berg brachten de Inca's hun offers en hadden zij een wijds uitzicht over de stad en de omliggende valleien. Het pad naar boven bestaat uit honderden stenen treden. Hoe hoger je komt hoe smaller en stijler het pad wordt, tot je op het laatst door een stuk grot gaat om de top te bereiken. Lange, dikke mensen kunnen zich hier nauwelijks doorheen wringen. Het uitzicht is overweldigend. De zon is nu helemaal op en de stad lijkt maar klein op deze afstand. Aan de andere kant van de top gaan we weer naar beneden langs trappen zonder iets om je aan vast te houden en die niet breder zijn dan 50 cm, soms nog smaller. Uitzonderingen daar gelaten gaan de meeste mensen zijwaarts als krabben tegen de muur aangekleefd naar beneden. Halverwege komen we gelukkig weer op een breder gedeelte. Beneden aangekomen moeten we ons weer uitchecken, zodat de beveiliging zeker weet dat er niemand achterblijft of van de berg gestort is.

De rest van de dag brengen we door in de stad. Machu Picchu bestaat uit een plein, een woongedeelte, een kazerne en tempels, onder andere voor de zonne- en de maangodin. De oppervlakte van de stad is ongeveer 13 km2 en het lijkt op een richel te hangen met een uitzicht op de Uramba kloof. De stad werd in de 15e eeuw gebouwd door de Inca vorst Pachacuti, niet alleen voor koninklijke, maar ook voor religieuze doeleinden. Waarschijnlijk was het een soort buitenverblijf voor koningen en hovelingen want er zijn relatief veel verblijven voor edelen en weinig voor bedienden. De Inca's bereikten de stad via een stijl pad en het duurde meerdere dagen om er te komen waardoor de stad moeilijk bereikbaar was. Omdat de Spanjaarden deze stad niet hebben gevonden is hij zo goed bewaard gebleven. Pas in 1911 werd deze stad, volledig overwoekerd, ontdekt.

We lopen niet alles af, maar dromen weg op een van de vele trapterassen en lezen een boekje. Het is maar goed dat we niet voor de vierdaagse wandeltocht hebben gekozen want onze knieeën beginnen al aardig te kraken en het opstaan geeft ook wat gezucht en gesteun. Met de trein en de bus reizen we weer terug naar Cusco. We hebben nog een paar dagen om de stad te bekijken en dan is ons avontuur weer voorbij. De tijd is omgevlogen.

Reacties

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!